Programma

‘NIEUWE GENERATIE MAKERS MOETEN ONDERSTEUND WORDEN EN EEN KANS KRIJGEN OM ZICH VERDER TE ONTWIKKELEN’

wo. 16 december 2020

AMSTERDAM – Hoop is wat Zafer Yurdakul uitstraalt. Een echte ondernemer met een hart van goud die zich niet laat kisten. “Ik ben een optimist. Ook als de gemeente gaat bezuinigen zal ik op zoek gaan naar andere manieren om toch meer broedplaatsen te creëren.”

Verbinding. Dit is waar Zafer Yurdakul voor leeft. Directeur van Urban Resort, dit is de grootste Amsterdamse ontwikkelaar van broedplaatsen zoals De Vlugt, Volkshotel, Lely, ACTA, SUP en Westerdok, maar vooral bekend als directeur van Podium Mozaïek. Een broedplaats die inmiddels niet meer uit Bos en Lommer weg te denken is en zaterdag haar 15e jubileumjaar viert. De boodschap van Yurdakul op deze feestdag? ”De nieuwe generatie makers moeten ondersteund worden en een kans krijgen om zich verder te ontwikkelen. Hun verhaal raakt ons allen, omdat zij in staat zijn de verhalen van nu te kunnen vertellen.” Vrijheid, gelijkheid en diversiteit zijn het gezicht van Podium Mozaïek. In zijn werk wil hij daar een bijdragen aan leveren. Zelf weet hij als geen ander hoe het voelt om aan te komen in een vreemd land, nadat je je geliefde thuisland bent ontvlucht. Podium Mozaïek helpt daarom nieuwkomers die onlangs een verblijfsvergunning hebben verkregen aan een opleiding en werk. In samenwerking met ROC van Amsterdam en de Gemeente Amsterdam is in Podium Mozaïek een hybride leer/werk omgeving gecreëerd, waarin nieuwkomers die onlangs een verblijfsvergunning hebben verkregen een opleiding kunnen volgen.

Waarom vind je dit belangrijk? “Dit zijn mensen uit gebieden waar het niet makkelijk is geweest. Mensen verlaten niet zomaar hun thuisland. Ze komen in een vreemd land terecht, opzoek naar een betere toekomst. We kunnen niet snel genoeg zijn met ondersteuning voor die vaak jonge asielzoekers. We willen ervoor zorgen dat zij hun plek kunnen vinden.”

Raakt dit onderwerp je persoonlijk? “Dat denk ik wel. Ik vertel jongeren dat toen ik in 1980, op mijn 19e, deze kant op kwam, met een bijna vergelijkbare achtergrond, ik het heel leuk had gevonden als ik gelijk zou worden gevraagd om in een culturele instelling te gaan werken. Want daardoor kom je midden in een bruisend leven en maak je kennis met kunst en cultuur, maar ook met mensen. Dat is heel goed voor je ontwikkeling. Ik heb dit zelf gemist en wil dit nu jongeren bieden.”

Podium Mozaïek wil door middel van kunst en cultuur bijdragen aan een open samenleving waarin iedereen zich thuis voelt. Dat doen jullie op het podium, maar ook ernaast zeggen jullie. Kan je een voorbeeld noemen waaraan heb je gemerkt dat Podium Mozaïek de afgelopen 15 jaar heeft bijgedragen aan een meer open samenleving? “Bijdragen aan een open samenleving kan door middel van wrijving maar ook door middel van verbeelding. Het één doet alleen meer pijn dan het ander. Wij hebben een programma dat een keuze biedt. Bijvoorbeeld bij het thema seksualiteit en samenleving, waarover we in veel verschillende vormen voorstellingen hebben gemaakt. Makers die zelf uit een meer behouden cultuur komen kunnen toch hun verhaal vertellen. Dit alleen al zorgt voor een meer open samenleving en draagt bij aan een gesprek dat gevoerd moet worden. Kunsttijd en Club Mozaïek zijn speciaal voor kinderen en jongeren uit het basis en middelbaar onderwijs opgezet om hun enthousiast en nieuwsgierig te maken voor kunst en cultuur.”

Zijn kinderen tegenwoordig minder geïnteresseerd in theater denk je? “Dit heb ik niet onderzocht, maar als je het over kinderen hebt uit het basisonderwijs is het makkelijker om ze naar het theater te krijgen omdat ze vaak met school komen. Scholen schrijven zich in voor dit soort programma’s. Als je het hebt over jongeren van twaalf plus wordt het al iets lastiger. Die jongeren kiezen hun eigen vrijetijdsbesteding die ze invullen naar hun eigen belangstelling. Zodra ze een andere hobby hebben zoals voetbal, dan gaat daar het merendeel van de tijd naartoe.”

Maar zie je verandering in de afgelopen 15 jaar bij jongeren? “Om eerlijk te zeggen was het vanaf het begin al moeilijk om 12 plus te kunnen bedienen met theater. Jongeren zoeken naar hun eigen vriendenkring en community en daar beleven ze kunst en cultuur ook wel mee. Wellicht op een andere manier. Het is bijvoorbeeld lastig om jongeren als individu naar het theater te krijgen wanneer de vriendengroep en niet zo in is geïnteresseerd.”

Wat maakt Podium Mozaïek anders dan andere broedplaatsen? “Wat ons anders maakt is dat wij ons bij uitstek richten op cultureel divers Amsterdam. Toen we 15 jaar geleden hier zijn gestart kregen we af en toe wel kritiek van gevestigde instellingen zeg maar. Vragen zoals: ’Een theater starten in Bos en Lommer? Dat is toch bijna niet te doen?’ Nu we 15 jaar verder zijn, zijn deze vragen ondenkbaar geworden. Nu zijn we bijna niet meer weg te denken uit het stadsdeel.”

Heeft Podium Mozaïek dan aan het begin gestaan? “Ja, misschien wel. Het is nu in ieder geval ondenkbaar dat dit soort wijken geen theater meer zouden hebben. We hebben echt wel iets voor elkaar gekregen. Er zijn in de afgelopen 15 jaar zoveel meer broedplaatsen bij gekomen buiten de binnen stad en wij waren daar één van de eerste van. Ook hier willen mensen toegang tot kunst en cultuur.”

Ben je trots? “Ik ben zeker heel trots.”

Is het publiek van Podium Mozaïek door de jaren heen veranderd? “Uhmm…ja…ja. Je ziet wel een verschuiving. Hoe je het went of keert. Vijf jaar geleden, zag je veel meer dan nu, specifieke programma’s voor specifieke doelgroepen. Er was ook wel gemixt publiek, maar dat zie je nu veel meer. Dat is zeker een verschil die je ook in de samenleving terug ziet komen. Zelf vind ik dat een positieve ontwikkeling. Er is daardoor veel meer dialoog tussen Amsterdammers met verschillende achtergronden en dat weerspiegelt zich dus ook in onze programmering.”

Wat is in de afgelopen 15 jaar een belangrijk en memorabel moment geweest voor het podium? “Bij ons 10jarig bestaan hadden we een fantastische samenwerking met het Nederlands Blazers Ensemble (NBE) en verschillende artiesten uit verschillende landen. Iets dat ik zelf had bedacht en heel goed uitpakte. Mensen spraken verschillende talen, maar konden toch met elkaar muziek maken en lol hebben. Ik denk overigens dat taal nooit een probleem hoeft te zijn.”

Wat zijn je dromen voor de toekomst? “Ik ben een optimist. Ook als de gemeente gaat bezuinigen zal ik opzoek gaan naar andere manieren om toch meer broedplaatsen te creëren. Ik hoop dat we veel plekken kunnen behouden omdat de hele economie in een soort vertraging terecht komt. Daardoor zullen misschien panden die op de lijst stonden om te worden gesloopt toch nog worden benut als broedplaats. De Vlugt hier verderop zou door de druk op die goedkope plek, eigenlijk geen broedplaats meer worden. Nu blijft het toch een broedplaats. Eerst zouden we vijf jaar blijven en nu 10 jaar. Ieder nadeel heeft zijn voordeel en het is niet 100 procent in ons nadeel wat er nu allemaal gebeurd. Vanuit het behouden van broedplaatsen hoeft een vertraging in de economie nog niet zo slecht te zijn.

Wat staat ons tijdens het 15jarig jubileum te wachten? “We hebben eenzelfde soort programma gemaakt, met dit keer verhalen van mensen die in West wonen. Deze verschalen zijn gebundeld in een soort ‘vertelvoorstelling’. Dit wordt gespeeld door jonge acteurs uit Amsterdam West en begeleid door (NBE). Met als bedoeling dat je samen verhalen kunt delen en vooral plezier kan maken. Bij elkaar komen en samen een nieuwe uitdaging aangaan. Daar draait het allemaal om. Een dialoog draagt bij aan een open samenleving.”

Hoe ziet Podium Mozaiek er over vijf jaar uit? “Één keer in de vier jaar moeten we een examen afleggen door middel van een plan. Dit wordt beoordeeld door meerdere commissies. Dit plan is geaccepteerd. We zijn door onze avontuurlijkheid van de afgelopen jaren bij de basis infrastructuur van Amsterdam gaan horen. Niet meer een projectmatige organisatie, maar een goed gefundeerde basisinstelling voor de stad. We hebben een grote ontwikkeling door gemaakt. In ons nieuwe plan willen we de makers structureel en goed gefundeerd hun plek geven. Die jonge makers die bij ons binnen komen en de makers die gezamenlijk iets bij ons willen maken. Er is vaak geen enkele instelling die hun omarmt en zeker niet voor langere periodes. Er zijn vaak geen structurele middelen. We moeten altijd projectmatig werken. Ik hoop dat we eindelijk over vijf jaar die jonge makers meer zekerheid kunnen bieden.”

Wat je nog niet wist van Zafer Yurdakul.

Wanneer ik je op internet op zoek kan ik weinig vinden over jouw jeugd. Het meeste gaat over jou als ondernemer. Wilde je als kind ook al eigen baas worden? ”Ik wilde altijd al eigen baas zijn. Ik wilde niet per se iets voor mezelf. Maar ik was altijd bezig met het initiatief nemen. Samen leuke dingen bedenken en er keihard voor werken. Toen ik nog een kind was startte ik een eigen voetbalelftal. Dan ging ik opzoek naar vriendjes die goed konden voetballen en dan daagde we andere teams uit. Dit zit denk ik in mijn karakter. Mijn twee broers die hebben allemaal keurige banen en dat is ook altijd zo geweest.”

Dit is geen keurige baan? ”Het is niet de gewone weg om het maar zo te zeggen. Al is met gewoon niets mis. Het gaat bij mij in geen enkele onderneming of initiatief dat ik heb opgezet om ondernemen. Het gaat er voor mij om dat je in de samenleving dialoog voert en samenwerkt.”

Kun je een voorbeeld noemen waarin je ondernemerschap naar boven kwam? ”Wat niet veel mensen weten, is dat toen ik net in Nederland kwam, begin jaren 80, ik een eigen theatergezelschap heb opgericht. Dit kun je als je goed zoekt terug vinden in de oude archieven van theater Instituut Nederland. Zelf heb ik jarenlang toneel gespeeld en geschreven. Dit heb ik 8 a 9 jaar gedaan, daarna volgde ik een opleiding theaterwetenschappen aan de UvA. Toen kwam ik erachter dat ik te weinig talent had voor toneelspelen en schrijven. Toen ben ik gestopt. Ik groeide niet meer en er kwam stress. Als er te veel stress bij komt kijken dan weet je dat er iets mis is.”

Hoe heette dit gezelschap? ”Umut.”

Wat betekent dat? ”Hoop”

In de documentaire “Ruimtemakers voor de kunst” zeg je: “Als een stad geen ruimte biedt aan kunstenaars, dan is dat een dode stad.” Hoe komt het dat kunst voor jou zo belangrijk is? Kom je uit een kunstzinnige familie? ”Nee, ik kom niet uit een kunstzinnige familie. Als het gaat om kunst en kunstenaars vind ik dat ze altijd zeggen waar het op staat en dat ook zo kunnen vertellen en verbeelden, dat het je kan raken. Als je dat verbindt aan de grote thema’s zoals samenleving en een diverse stad waar iedereen zich thuis voelt dan zie ik dat dat werkt. Het verbindt. Vrijheid, gelijkheid en diversiteit zijn voor mij belangrijke zaken en dat wil ik terug laten komen in het werk dat ik doe. Kunst is daar de beste manier voor.”

Karakter in drie woorden? ”Eigenwijs, betrokken en creatief”

In Het Parool vertelde je in 2019 dat de doelstellingen van het broedplaatsbeleid moeten worden meegenomen in het vastgoedbeleid omdat de prijzen van het vastgoed te hoog zijn. Zie je nog een reële toekomst voor cultureel en maatschappelijk vastgoed hier in Amsterdam? ”Dit beleid waar je over spreekt is deels opgenomen. Maar toen kwam Corona. De gemeente had een budget gereserveerd om goedkopere vierkante meters voor kunstenaars te reserveren. Dat budget gaan ze beknotten. Over een jaar gaat daar een miljoen vanaf en over twee jaar wordt dit bijna volledig wegbezuinigd. Het gehele budget stopt dan. Door Corona wordt er bezuinigd op het broedplaatsbeleid en dat vind ik zo een grote zonde. Het zou een langjarige stimulans worden voor het behoud van de broedplaatsen en die ontwikkeling daarvan zal nu stagneren.”

 

Bron: https://svjmedia.nl/amstelradar/1313/nieuwe-generatie-makers-moeten-ondersteund-worden-en-een-kans-krijgen-om-zich-verder-te-ontwikkelen/

Link

Gepost door: Ika Berman





Terug naar overzicht